Kort en bondig of lang en lekker?

Door Maria Neele in de categorie Internetmarketing op 2 september 2011
Tags: , , , , ,

Zo’n beetje een week geleden begon ik met een blog over lange teksten. De aanleiding: een blogpost van Copyblogger over long copy. Daarover straks meer.

De blog werd geïllustreerd met een voorbeeld van Highrise van 37signals, een fijn online programma waarin we contacten, notities, leads en deals bijhouden.

Een verrassende A/B-test had uitgewezen dat een zeven keer zo lange tekst maar liefst 37,5 procent meer inschrijvingen opleverde dan de eerdere korte tekst. Dat was op z’n minst opmerkelijk. Kort en bondig, hét recept voor een goede webtekst, gaat niet altijd op, leek dit aan te tonen. Ik las verder, klikte links in de blogs aan verdiepte me in long copy.

Wanneer is lang beter?

Volgens Brian Clark van Copyblogger is lang beter dan kort bij:

  • dure producten en diensten;
  • online cursussen of informatie waarvoor mensen moeten betalen;
  • producten met veel kenmerken die je stuk voor stuk wilt beschrijven;
  • innovatieve producten en diensten waarbij je alles uit de kast moet halen om mensen te overtuigen van alle mogelijke voordelen.
  • In feite alle online verkoop – alles wat je niet kunt zien, beetpakken, proberen. Je hebt woorden nodig om mensen over de streep te trekken.

Scanners, springers en woordenvreters

Verder lezend in lange, lange teksten kwam ik op uitspraken van de Amerikaanse copywriter Jeremy Reeves. Hij nuanceert de aanname dat mensen op internet uitsluitend scannen en onderscheidt drie soorten lezers: scanners, springers en woordenvreters.

De scanners, nou ja, die scannen. Ze beslissen razendsnel: ja of nee. De springers blijven hangen bij de stukjes die hen interesseren en lezen die helemaal. De woordenvreters zijn langzame beslissers. Twijfelaars die je met iedere zin een beetje meer overtuigt. Totdat ze uiteindelijk onderaan op de knop ‘download’, ‘inschrijven’ of ‘in winkelwagentje’ klikken.

Fris, afwisselend en luchtig

Die drie soorten lezers, die ken ik. Die ben ik! Soms scan ik, soms spring ik en soms eet ik alle woorden op, het ligt eraan. In dit geval heb ik heel wat letters tot me genomen, bijvoorbeeld.

37signals houdt terdege rekening met al die scannende, springende en lezende types. Ook de lange tekst uit de A/B-test blijft fris, afwisselend en luchtig. Met plaatjes, bullets, pijlen, tekstballonnetjes en persoonlijke uitspraken. Hink-stap-sprong naar de call-to-action.

Maar toen…

De test van 37signalsBij Highrise bleven ze testen. Uiteindelijk met een heel andere aanpak: mensen in beeld. Vriendelijk kijkende echte klanten, geen fotomodellen. Korte tekst erbij, testimonials ernaast. En toen steeg het aantal inschrijvingen ineens met meer dan 100 procent ten opzichte van de eerste versie! Weg theorie over long copy, want met een toevoeging van meer tekst zakte het inschrijfresultaat weer met bijna 23 procent. Daar ging mijn blog… Korte tekst bleek uiteindelijk nóg beter te werken dan lange.

Wat is jouw ervaring? Heb jij voordat je online iets duurs koopt veel informatie nodig om te beslissen? Wat vind jij van de tests van 37signals?

Lui, ongeduldig, egocentrisch

Door Martine van Blaaderen in de categorie Gratis schrijftips op 14 juni 2011
Tags: , ,

Slecht nieuws: de titel slaat op jou. Jij bent lui, ongeduldig en egocentrisch.

Dat zegt Tekstblad-columniste Louise Cornelis over lezers. Ze onderbouwt deze stelling met universitaire onderzoeken. Snel zelfonderzoek bevestigt haar punt.

Als ik lees, wil ik…
1. met zo min mogelijk inspanning (lui)
2. zo snel mogelijk (ongeduldig)
3. weten wat ik eraan heb (egoïstisch).

Als ik schrijf denk ik aan mezelf als lezer
Ik lees graag:

  • Actieve, soepele zinnen
  • Prikkelende kopjes
  • Bulletpoints als deze.

Artikel voor een personeelsblad, blogje, reportage, webtekst. Ik zet iets op papier zoals ik het zou vertellen aan mijn buurvrouw of collega. In verzorgde spreektaal. Meestal levert dat duidelijke en aansprekende tekst op. Weg met vaagtaal en woorden-die-niet-meer-mogen. Zo houd je je ongeduldige, luie lezer bij de les.

Een vierde eigenschap

Cornelis schrijft dat lezers niet alleen lui, ongeduldig en egoïstisch zijn, maar ook nog conservatief. Ze haalt onderzoek aan, waarin wordt beweerd dat lezers in juridische tekst of wetenschappelijke onderzoeksrapporten graag jargon en ingewikkelde formuleringen zien. Dat vinden ze horen bij het professionele imago. Deze vierde eigenschap staat lijnrecht tegenover die andere eigenschappen van lezers. Formele teksten zijn meestal stroperig en langdradig. Weg is je lezer, zou je denken.

Wat moet je als webschrijver met deze vierde eigenschap?

Op zich helemaal niets. Het is een karaktertrek die alleen de kop opsteekt als een lezer een formele brief of zakelijk rapport onder ogen krijgt. Het geldt niet voor het genre websites. Vergelijk het met een netwerkborrel. Daar zet je je eigenschappen ’sociaal’ en ‘communicatief’ in. Zo is de weblezer ook eerst ‘lui’ en ‘ongeduldig’. Toch is het wel handig om te weten dat die lezer ook een verborgen conservatief trekje heeft. Het kan natuurlijk helemaal geen kwaad als je tussendoor heel nonchalant wat jargon laat vallen. Dat zou je tenslotte op die netwerkborrel misschien ook doen.

Doel of doen

Door Carola Janssen in de categorie Internetmarketing op 14 april 2010
Tags: , ,

Je gaat naar een webwinkel om iets te bestellen. Op de eerste pagina krijg je uitleg waarom het zo handig is om in een webwinkel te kopen. Je kunt bestellen wanneer je wilt, je krijgt de spullen de volgende dag thuis bezorgd. Je betaalt veilig en de spullen zijn verzekerd.

Ja duh! Dat zijn precies de redenen dat je naar die webwinkel gaat!

Ander voorbeeld. Je wilt een hulp in de huishouding. Je gaat naar de website van een bemiddelingsbureau en die verwelkomt je met uitleg hoe fijn het wel niet is om een hulp te hebben. Zo houd je namelijk meer tijd over voor je gezin en de dingen die je echt wilt doen. 

Goh, wat een eye-opener. Je had zeker géén idee dat je daarom iemand zocht, toch?

Voordelen

Dit tweede voorbeeld is van Gerry McGovern die in een hilarische blogpost beschrijft hoe zijn zoektocht naar iemand die zijn huis wil poetsen, gefrustreerd wordt door ’silly marketeers’. Je bezoekt een website niet om te weten te komen wat de voordelen zijn van die dienst of dat product. Die weet je namelijk als geen ander. Je wilt een taak volbrengen. Iets kopen. Je inschrijven. Informatie aanvragen. Te weten komen wat iets kost. Een telefoonnummer achterhalen. WAAROM LATEN ZE JE DAT NIET GEWOON DOEN?

Lachende manTijd verliezen

McGovern noemt het één van de grootste valkuilen van webtekstenschrijvers. Je concentreren op de doelen van je lezer, in plaats van de taken die je wilt uitvoeren. Die doelen zijn natuurlijk belangrijk, maar op het moment dat je ‘hulp in de huishouding’ bij Google intikt, zijn die je al lang duidelijk. Daar wil je geen tijd aan verliezen.

Een andere ergernis van McGovern zijn de grote foto’s van blije mensen. “Vind je bij Twitter een knappe man die je toelacht en zegt: “Communicatie is zó leuk, moet je ook eens proberen?” Hup, weg ermee en help me mijn taak volbrengen.

 

Teksten met kleefkracht

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 27 november 2009
Tags: , , , ,

Internetters zijn ongeduldige lezers. Ze willen niets liever dan klikken, scannen, zappen. Als schrijver heb je hooguit drie seconden de tijd om de aandacht te vangen, en nog een paar tellen later beslist Snelle Henkie of hij wil doorlezen of niet. Je moet je stinkende best doen om hem vast te houden; twee keer met je ogen knipperen en weg is-ie. Hoe voorkom je dat? Vijf tips om teksten met meer kleefkracht te schrijven.

1. Schrijf over mensen
Formuleer de kern van je boodschap in één of twee zinnen en maak er dan een verhaal van. Concreet, aansprekend. Zorg dat het over mensen gaat. En beantwoord met je boodschap een concrete vraag van een speurende internetter.

2. Het belangrijkste eerst
Begin met het belangrijkste. Nee, het belangrijkste vooraan. Het eerste woord, bedoel ik. Eerst de kern, dus, vooraan in de zin. Vervelend hè? Houd het wel leesbaar en denk bij elk stukje, elke alinea en elke zin na over wat het belangrijkste is. En zet dat vooraan.

zorg voor een tekst met haakjes3. Gebruik haakjes
Zorg voor ‘haakjes’ in je verhaal. Haakjes zijn woorden, beelden, associaties die aan mensen blijven plakken als klittenband. Die ‘o, ja!’ oproepen. Begrippen die mensen herkennen, zoals Kleinduimpje in ons kiezelverhaal.

4. Wissel af
Maak je zinnen niet te lang en kijk tegelijkertijd uit voor staccatotekst. Wissel af. Gebruik langere en korte zinnen door elkaar. Vermijd zinnen met meer dan één bijzin, want daardoor wordt je tekst minder goed leesbaar. En dan is Snelle Henkie rap verdwenen.

5. Nodig uit
Schrijf actief, direct en nodig uit tot actie. Gebruik de gebiedende wijs. ‘Vraag de brochure aan’, ‘Schrijf je in voor onze nieuwsbrief’. Henkie is dan wel snel, hij is ook volgzaam. En gek op klikken.

Schrijven voor Marcel

Door Maria Neele in de categorie Internetmarketing op 25 november 2009
Tags: , , ,

Marcel, onze ideale klant

Op ons kantoor hangt een flipovervel met twee Southparkplaatjes van hetzelfde mannetje. Marcel, hebben we hem genoemd. Plaatje 1: Marcel kijkt vertwijfeld, plaatje 2: Marcel met een smile van oor tot oor. Marcel vóór Kiezel Communicatie en Marcel erna. Onze website hebben we voor Marcel geschreven.

Marcel wil winst maken
Wie is Marcel? Marcel bestaat niet. Maar tegelijkertijd bestaat hij wel, want Marcel is onze ideale klant. De problemen die Marcel heeft, kunnen wij oplossen – binnen onze mogelijkheden natuurlijk, want voor zijn relatieprobleem zal hij toch echt moeten uitwijken naar een relatietherapeut ;-) . Marcel is 45 jaar en directeur van een mkb-bedrijf. Hij wil dat zijn site beter gevonden wordt op internet en dat zijn helpdeskmedewerkers Twitter gaan gebruiken. En ze moeten ook nog betere e-mails gaan schrijven… Alles wat wij te bieden hebben, wil Marcel. Maar hij heeft geen tijd om dat voor elkaar te krijgen en geen zin om zich erin te verdiepen. Marcel wil verkopen, zijn bedrijf runnen, winst maken. En gelijk heeft-ie.

Avatar marketing
Waarom hangt dat flipovervel aan onze muur? Marcel is een persona. Een persona is een verzonnen clichémens met eigenschappen die gelden voor jouw doelgroep. Avatar marketing, noemt Jason Cohen het. Begrijpt Marcel onmiddellijk dat hij bij Kiezel Communicatie moet zijn? Die vraag kijkt ons vanaf de kantoormuur voortdurend aan en houdt ons bij de les. We nemen Marcels specifieke problemen serieus, schrijven zodat hij zich aangesproken voelt en zorgen ervoor dat hij blij van ons wordt. 

Gericht schieten
Maar we willen toch wel meer klanten dan alleen Marcel, de 45-jarige manager? Hoe bereiken we die dan? Waarom schrijven we niet meer in het algemeen, voor iedereen? Omdat we dan waarschijnlijk helemaal niemand zullen bereiken, ook Marcel niet. Schrijven voor Marcel helpt om ook andere lezers (of lezeressen) te bereiken. Wie ook maar een beetje op Marcel lijkt, voelt zich ook aangesproken  door onze tekst. Gericht schieten levert uiteindelijk altijd meer op dan een schot hagel.

Webteksten en zoekmachineoptimalisatie

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 21 november 2009
Tags: , , , ,

Jenny geeft les in zoekmachineoptimalisatieVandaag gaf Kiezel Communicatie samen met Jenny Luten van Y-Catcher een workshop over webteksten en zoekmachineoptimalisatie. 14 vrouwen, merendeels professionele tekstschrijvers, roken aan de kennis die wij de afgelopen jaren verzamelden. Ik liet ze dat doen met een Prezi-presentatie. Prezi is je kennis presenteren als een soort mindmap waarin je in en uit kunt zoomen. Dit is mijn eerste stap op dit gebied, dus nog een beetje onrustig, maar de deelnemers waren enthousiast.

Tien tips voor top title-tags

Door Carola Janssen in de categorie Internetmarketing op 18 november 2009
Tags: , , , ,

 

Wat staat er bovenaan je browserscherm op dit moment? Nee, helemaal bovenaan? Daar staat óf  Tien tips voor top title-tags, omdat dit blogje zo heet. Als je via het blog zelf leest, staat er: Kiezelblog – gratis schrijftips en berichten over schriftelijke communicatie en digitale media.  

Ga nu eens op je eigen site kijken. Wat staat er? Start? of Welkom? Zoals bij Kamerorkest Touché?

 

In dat geval is dit blogje voor jou.

Wat daar bovenin staat is de title-tag, het meest onderschatte element in internetmarkteting.  Tien tips om er het beste van te maken.

1. Beschrijf waar de pagina over gaat
Een pagina gaat niet over Start of Welkom. Een gemiste kans.

2. Roep op, vraag, stel iets. Laat de zoeker klikken.
Een call-to-action is een uitnodiging om iets te doen. Beloof een antwoord op een vraag, doe een aanbod, prikkel en maak nieuwsgierig zonder raadselachtig te zijn.

3. Zet de belangrijkste zoekwoorden voorop
Na 65 tekens kapt Google je title-tag af. Je mag er gerust meer gebruiken, als je maar weet dat die niet meer in beeld zijn bij de zoekresultaten.

4. Zet de belangrijkste zoekwoorden voorop
Ja, dat is dezelfde als bij 3, maar het is ook belangrijk, omdat het eerste woord het meeste gewicht krijgt van Google.

5. Ben je geen bekend bedrijf? Zet die bedrijfsnaam maar gerust achteraan of laat ‘m weg!
Het is mooi als de mensheid rechtstreeks naar je bedrijfsnaam zoekt, maar meestal is het toch je product of dienst waarnaar googelaars zoeken.

6. Bedenk dat Google je title-tag laat zien

Dus die tekst moet mensen overhalen je site te bezoeken. Start is misschien een goede call-to-action als je een fietswedstrijd organiseert, maar niet om googelaars te laten klikken.

 

7. De title-tag is de tekst die je favorietenmanager gebruikt bij het opslaan
Wil je dat je pagina opgeslagen wordt bij de W van Welkom? Dan is Welkom prima als title-tag.

8. Zorg dat elke pagina zijn eigen, unieke title-tag krijgt
Je hebt toch niet voor niks meer dan één pagina?

9. Zet niet alleen maar keywords in je title
Fijn om gevonden te worden op je zoekwoorden, maar uiteindelijk is het niet Google die doorklikt, maar een mens van vlees en bloed. Die moet je dus kietelen, niet spammen.

10. Zodra je je title-tag aanpakt zul je zien dat je meer bezoekers krijgt op je site
Doen dus!

Dat woord is van mij!

Door Carola Janssen in de categorie Losse kiezels op 6 november 2009
Tags: , , ,

certificaat Kiezel op naam van Kiezel CommunicatieTot 21 oktober 2014 staat het woord kiezel op naam van Kiezel Communicatie. Dat hebben we voor € 5 laten vastleggen door het International Institute for the Registration of Words (NRW). In een klein kokertje kwam het officiële document (nog eens € 5) van de week binnen en het certificaat hangt nu bij ons aan het prikbord.

Waarom wij kiezel claimden? Natuurlijk omdat we zo heten, maar vooral ook omdat het zo’n mooi woord is, want daarvoor is de site:

“Ons instituut wil iedereen verbinden aan zijn favoriete woord. Dat kan een woord zijn dat bijvoorbeeld uw kijk op het leven samenvat. Het kan ook een woord zijn waarvan u blij of gelukkig wordt, of een woord dat u karakteriseert in een van de rollen die u in het leven vervult.”

Je kunt een woord dus claimen. Bestaand of zelfverzonnen en al dan niet met motivatie. Die motivatie is dan weer terug te lezen op de site: ‘cadeau voor mijn broer’, ‘dit was wat mijn dochter zei’, ‘zo heet ik’. Tegen betaling kun je het woord op een certificaat laten zetten – dat deden wij – of, nog luxer, in een doosje thuis laten bezorgen. Handgeschreven – dat dan weer wel.

Het lijkt een gouden idee: iets verkopen dat van niemand is. Ook al gaat er anderhalve euro van elke registratie naar een goed doel, zó word je slapend rijk, leek me. Initiatiefnemer Jan Beesems: “Voorlopig sta ik nog vet in de rode cijfers. Mijn primaire drijfveer is toch mijn liefde voor taal.”