Wat is de overeenkomst tussen lekker skiën en een goed stukje schrijven? Nee, dat zijn niet mijn gedachten terwijl ik Italiaanse pistes onveilig maak, maar terugkijkend op een geslaagde dag komt zoiets weleens bij me op. Dingen die je leuk vindt, hebben vaak veel met elkaar gemeen. En ja, skiën en schrijven, ik zal niet zeggen dat het mijn passies zijn – ik zou niet durven – maar ik doe het allebei graag.
Overeenkomst 1: weten waar je naar toe wilt. Nou is dat met skiën makkelijk: naar beneden. Maar op wat meer gedetailleerd niveau is het evengoed complex. Voortdurend beslis je: daar draaien, let op die andere skiër en houd die snowboarder in de gaten. Net als bij schrijven: overzicht en controle houden en tegelijk ontspannen.
Overeenkomst 2: durven. Vertrouwen op je techniek, en tegelijk de grenzen opzoeken. Dat maakt het spannend en dan blijf je leren. Iets nieuws proberen, tegen jezelf zeggen: je kan ‘t! En als je een keer een uitglijer maakt: dat hoort er ook bij. Wie nooit valt, skiet (of schrijft) onder zijn niveau.
Overeenkomst 3: beginnen is moeilijk. Bijvoorbeeld als je bovenaan een steile helling staat of een schoon, leeg document voor je hebt. Aarzeling. Je moet ergens overheen (zie overeenkomst 2) en als je eenmaal bent begonnen, volgt de rest meestal vanzelf.
Overeenkomst 4: oefenen. Beter worden gaat met vallen en opstaan (zie weer overeenkomst 2). En wat de ene keer met gemak lukt, gaat de volgende dag moeizaam. Weet dan: de volgende keer doe je hetzelfde weer fluitend. Kijk de kunst af bij anderen die het beter kunnen dan jij. En vervolgens meters maken: oefenen, oefenen, oefenen.
Het lijkt vaak of zakelijke briefschrijvers vooral verlegen zitten om vulling. Ze hebben niet zoveel te melden en schrijven hun boodschap daarom maar zo omslachtig mogelijk op. Als het even kan in formules die al gangbaar waren toen mijn moeder nog op kantoor zat (en dat was in de jaren vijftig van de vorige eeuw), want dat staat zo mooi en interessant. 
Er wordt heel veel plaatsgevonden in het Nederlandse taalgebied. Je kunt het zo gek niet bedenken of het vindt plaats. Google maar eens: 1.650.000 resultaten! Plaatsvinden is dan ook een handig woord, net als zijn broertje gebeuren. Het is een stoplap. Nee, erger nog: een duizenddingendoekje. Je kunt het overal voor gebruiken. Jammer alleen dat die woorden je tekst zo saai, kleurloos en star maken. Want waar blijft de actie?
Plantpot. Het woord staart me aan in 12 centimeter grote letters in de parkeergarage van Ikea (we hebben een nieuw kantoor in te richten en we letten op de kleintjes). Plantpot. Jongens en meisjes advertentieschrijvers, dat kán toch niet? Dat hóór je toch!
Was die brief gericht aan Kiezel Communicatie? Welnee. Geadresseerd aan Nelle. Niet aan mevrouw Neele, ook niet aan mevrouw M. Neele, nee, aan Nelle. Zonder enige toevoeging. Had die KPN-mevrouw haar nagels zitten lakken toen ik haar braaf meldde: “N-E-E-L-E, voorletter M”? En waarom stond in de aanhef ‘Geachte heer/mevrouw Nelle’? Had ze geen keuzeknopje man/vrouw in haar elektronische formulier?
3. Gebruik haakjes






Reacties