Woorden die niet meer mogen (aflevering 2)

Door Martine van Blaaderen in de categorie Steentje in je schoen op 27 januari 2011
Tags: ,

Mijn schrijfvocabulaire is kilo’s lichter sinds ik als junior tekstschrijver bij Kiezel werk. Met chirurgische precisie ontleden Carola en Maria mijn teksten. Zijn woorden niet levensvatbaar? Dan worden ze uit mijn repertoire gesneden. Het is even slikken, maar het resultaat is een kerngezonde tekst. Alles knapt ervan op, zonder al die onnodige ballast.

Het mes ging in:

Kunnen en mogen
Werkwoorden als ‘kunnen’ en ‘mogen’ voegen meestal niet zo veel toe. Sterker nog, ze vertragen de boel alleen maar. Waarom zou je ze dan nog gebruiken?

,dus
Te betuttelend. Het straalt uit: ‘Ik zal jou eens vertellen wat de conclusie is’.

Plaatsvinden en zo
Bij werkwoorden als ‘kopen’ of ‘eten’ kun je je gemakkelijk een voorstelling maken. Verbeeld je nu ook eens de werkwoorden ‘plaatsvinden’ of ‘faciliteren’ of de constructie ‘hij geeft aan dat’. Je gaat geheid op blanco. Weg ermee.

-ie, -ing, -atie
Van een werkwoord (bv. ontwikkelen) een naamwoord maken (de ontwikkeling). Als je dat maar vaak genoeg doet, heb je waarschijnlijk het naamwoordstijlvirus onder de leden. Naamwoorden maken je tekst over het algemeen droog, saai en passief. Neem nu het woord ‘de ontwikkeling’. Wie ontwikkelt nu eigenlijk wat? Al die informatie is verstopt. De kuur bestaat uit twee stappen:

1. De naamwoorden ontmaskeren.
2. Een actief alternatief maken. Kies een onderwerp (bv. hij), een actief werkwoord (ontwikkelde) en  een lijdend voorwerp (een recept). Back to highschool!

In, van, naar, in, voor, tegen, op
Tekst wordt houterig van te veel voorzetsels in één zin. Kijk maar: ‘In de trein van Amsterdam naar Rotterdam ga ik van de regen in de drup’. Van voorzetseldiarree gaat je tekst niet sneller lopen.

Echt héél erg
Overdreven bijvoeglijk naamwoorden als ‘echt’, ‘héél’ en ‘erg’ zijn echt héél erg overdreven.

Ik mocht gelukkig ook een paar juweeltjes aan mijn woordenschat toevoegen: krentenwegers, struweel, klein haar (=kaal), noodverbandje, jan-van-gent en zwerk. Operatie geslaagd.

Ook beter leren schrijven? Lees dan deze blogs:

Aflevering 5: welke

Aflevering 4: handvatten

Aflevering 3: leuk

Aflevering 1: tevens en reeds

Woorden die niet meer mogen (aflevering 1)

Door Maria Neele in de categorie Steentje in je schoen op 28 december 2010
Tags: , ,

‘Wij willen u tevens bedanken…’ Ja hoor! Tevens. Dat zég je toch niet!

Dan moet je het ook niet schrijven.

Reeds. Mag je alleen bij wijze van grap schrijven.Hetzelfde geldt voor reeds. Ook dat woord is bij ons in de ban. Jammer genoeg denken veel mensen dat het chiquer en dus beter is dan al. Zodra ze achter een toetsenbord zitten, kiezen ze andere, duurdere woorden. Zoals tevens in plaats van ook en betreffende in plaats van over. Ze denken dat je zo laat zien dat je niet van de straat bent.

Je hoeft geen formele taal te gebruiken om verzorgd en deskundig over te komen. Formele taal is niet fout, maar je doet er je lezer geen plezier mee. Ouderwetse woorden en zinnen helpen je niet om je doel te bereiken.

Het verschil tussen spreektaal en schrijftaal is iets wat door steile schoolmeesters en stoffige klerken is verzonnen. Het is denkbeeldig.

Goed voornemen voor 2011: weg ermee.

Reeds!

Wat mag ook nooit meer in 2011?

Aflevering 5: welke

Aflevering 4: handvatten

Aflevering 3: leuk

Aflevering 2: kunnen en mogen

Hoezo, ‘een station opent’? NS toch!

Door Maria Neele in de categorie De wenkbrauw op 10 december 2010
Tags: , ,

Carola en Maria trekken de wenkbrauwen op

De Nederlandse Spoorwegen laten ons weten dat er een nieuwe dienstregeling aan zit te komen. Maar liefst drie e-mails vond ik in mijn mailbox. Beetje overdreven, maar goed, ik kan er niet omheen.

Klik, even kijken wat de belangrijkste veranderingen zijn. O nee, de NS noemt dat wijzigingen. Dat klinkt al beter ;) .

Het station opent... ?

Hup, daar ging mijn wenkbrauw. Een nieuw station opent? Sinds wanneer zijn stations zelf-openend? Meestal doet de Koningin dat toch, of haar Commissaris? Het gáát open. Is het een anglicisme, of wil de schrijver ‘lekkere korte zinnen’? Wie het weet mag het zeggen.

Komma of geen komma?

Verder vertelt de tekst mij dat de NS beschikt over een beperkt aantal Sprinters (met een Hoofdletter). Soms rijden ze tussen Utrecht en Geldermalsen, en in de spits tussen Rhenen en Amsterdam Centraal. Ze jakkeren kris-kras door Nederland.

De komma achter Sprinter(s) is overbodig en zelfs foutief. De bijzin is hier beperkend bedoeld. In zo’n soort bijzin omschrijf je preciezer de betekenis van het woord of de woordgroep waar de bijzin bij hoort (het antecedent). Je kunt hem niet weglaten. In dit geval gaat het niet om zomaar een sprinter, maar om de sprinter die in de spits rijdt tussen Rhenen en Amsterdam Centraal. Zoals het hier staat is het een uitbreidende bijzin, en die moet je zonder al te veel problemen kunnen weglaten.

En ja, daar zijn ze weer: de onjuiste spaties!

Duurzame Waardekaart? Hij is van plastic!De NS verrast ons met een Duurzame Waardekaart. Die is niet van de NS, dus de nieuwsbriefschrijvers kunnen niet veel doen aan die foute spatie, die van een plastic kaartje een duurzaam product maakt.

Het is een grappige spatiefout, maar niet de enige in de nieuwsbrief van de NS. Het wemelt ervan.

Deze wil ik je niet onthouden: ‘Laatste stap naar enkele reisstructuur’. De NS bedoelt: laatste stap naar afschaffing retourprijs.

NS haalt verdubbeling uit reisstructuur

Of bestaat er nu iets als een dubbele reisstructuur? En kijk ook eens naar die fijne voorzetseldiarree in de eerste zin! Het Kiezelblog daagt je uit om die zin beter te formuleren. Kom maar op.

NS, geef een paar tientjes uit aan een strenge eindredacteur en zorg dat in elk geval je nieuwsbrief zonder fouten gepresenteerd wordt. Dat er problemen zijn met de dienstregeling is al erg genoeg. Hier is écht gemakkelijk iets aan te verbeteren. En dan kan mijn wenkbrauw weer tot rust komen.


Nog een voorbeeld waarvan onze wenkbrauw de hoogte in schoot:

Belofte maakt schuld

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 30 november 2010
Tags: ,

Ik ga je in dit blogbericht wat vertellen over focus, de insteek van je verhaal. Over het feit dat je moet kiezen wat je gaat vertellen én de manier waarop je dat vertelt.

Pepernootdrolletjes

Nu ik dit eenmaal beloofd heb, zou het je vies tegenvallen als je een interview te lezen kreeg met een judoleraar. Een reisimpressie zou je in verwarring brengen. Een recept voor pepernootdrolletjes deed je de wenkbrauwen fronsen. Dat ligt allemaal voor de hand. Meestal ligt het wat subtieler. Ongemerkt zwalkt een verhaal alle kanten op. Wat begint als column, blijkt een interview te zijn. Bij een informatief stuk wordt plotseling om mijn mening gevraagd. En ik raak teleurgesteld, verward of geïrriteerd. Een verhaal heeft focus nodig en een duidelijke insteek.

Houvast

Misschien weet je voor je gaat schrijven in grote lijnen wat je wilt vertellen. Of wellicht staat het onderwerp je helder voor ogen. Of je weet voor welke gelegenheid je schrijft en wie je lezers zullen zijn. Je bent gevraagd om een column, een blogje of een voorwoord, dus de vorm ligt al min of meer vast. Het zijn allemaal elementen die jou als schrijver houvast geven. En in de eerste zin die je schrijft geef je die houvast door aan je lezer. Ik herken het onderwerp, ik merk of ik bij je doelgroep hoor, ik weet wat ik ongeveer kan verwachten. Als je een goede schrijver bent…

Alle ballen verzamelen

Als je een goede schrijver bent, jongleer je met alle ballen. Je kunt doen alsof je er een laat vallen, maar je vangt ‘m toch weer op. Je kunt ballen achter je rug om gooien of onder je been door. Je jongleert met drie ballen of met twintig- dat maakt niet uit. Je gaat in ieder geval niet opeens paarden dresseren. Of als al, dan jonglerend. :-) Ben je geen goede schrijver dan helpt het om heel helder het antwoord voor ogen te hebben van de vragen die ik hierboven stelde: wat wil je schrijven, voor wie en op welke manier? Jongleer (voor publiek) niet met meer ballen dan je aankunt. En onthoud: belofte maakt schuld.

Boeiend bloggen, hoe doe je dat? Leer het op onze Powerworkshop Bloggen.

U of jij?

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 13 november 2010
Tags: ,

Jacques PlafondJacques Plafond van Ronflonflon had het goed van de Engelstaligen afgekeken. Die sprak iedereen aan met ‘joe’. Een poldermodelkeuze die navolging verdient. Maar ja, als jij en ik voor onze klanten schrijven, komen we daar over het algemeen toch niet mee weg. We moeten kiezen. Spreken we onze klanten aan met u of jij? Het is een van de allermoeilijkste keuzes bij webteksten. U of jij. Soms weet je het voor een deel van je doelgroep zeker. Dat zijn u’tjes. Maar ja, die anderen… Dat zijn jij’tjes. Zonder twijfel… Maar u en jij op één kussen? Daar slaapt de duivel tussen!

Mevrouw/meneer
Kiezel Communicatie heeft het er ook moeilijk mee gehad. Toen wij anderhalf jaar geleden de teksten voor deze site schreven, vonden we onze klant een ‘u’. Een pagina of zestig lang schreven we formele zinnen. Tot we bedachten: herkennen we ons hierin? Spreken we onze huidige klanten met u aan? Zeggen we meneer, mevrouw, als we ze voor het eerst ontmoeten? De antwoorden luidden: nee. Vervolgens hebben we alle zestig pagina’s omgeturnd. Dat was een klus! Tot een half jaar na dato kwamen we nog wel eens een verdwaald u’tje tegen dat we over het hoofd hadden gezien. (Sterker nog, ik heb zojuist nog wat u’tjes verwijderd uit een weinig bezochte pagina, ons privacy-reglement!)

Bij twijfel, oversteken
Maar wat moet jij nu kiezen? Bij twijfel is mijn advies: kies voor ‘je’. Internet komt heel dicht bij. Je zit tegenover iemand, zo’n veertig, vijftig centimeter van zijn gezicht. Je spreekt een lezer (bij voorkeur) direct aan. Je wilt geen afstand. En als je het niet te nadrukkelijk doet, valt het niet eens op. In de anderhalf jaar dat onze site nu live is, is het nog nooit iemand opgevallen dat alle pagina’s in ‘je’ gesteld staan. Zelfs als we er expliciet op wezen en ernaar vroegen, bleek niemand erover te vallen. Tot onze verrassing.

En joe?
Wat wel belangrijk is: maak er geen Ikea- of Veronica-jij-tekst van. Door ‘jij’ en ‘jouw’ waar mogelijk te vervangen door ‘je’ valt het tutoyeren minder op, wordt het minder nadrukkelijk. Overigens, hier in Zeeland (waar Maria en ik zijn voor onze heidagen) spreken ze ons net als Jacques met joe aan. Dat hoort bij het Zeeuws dialect.
En hoe spreek joe oew klant aan?


Hoe spreek je je lezers aan? Lees meer:

Soms is oplossing toch de oplossing

Door Carola Janssen in de categorie Losse kiezels op 25 augustus 2010
Tags: , ,

oplossingVan het woord oplossing gingen altijd mijn wenkbrauwen omhoog. Daar blogde ik in maart van dit jaar al over. Nu moet ik die mening nuanceren. En ja, nuances… Daar hou ik ook al niet zo van. Voor een sappig verhaal is nuance namelijk killing. Ik zal er binnenkort eens over bloggen.

Woordmisbruik

Maar nu eerst terug naar oplossing. Oplossing wordt zo vaak misbruikt en mishandeld, dat ik uit het oog verloren had dat het arme woord wel degelijk iets uitdrukt dat door geen ander woord ondervangen wordt. Het heeft bestaansrecht. Soms.

Tagline

Onlangs formuleerden we een tagline voor onze klant TOT, die een nieuwe website krijgt. Een tagline beschrijft in zo min mogelijk woorden wat je doet. Met een duidelijke tagline weet de lezer onmiddellijk of-ie op de juiste site beland is. En in een wereld waar elke seconde telt, is het daarmee een van de belangrijkste tekstelementen van een website.

Al te kras

TOT levert een product en diensten. Dat aanbod bleken we, hoe we het ook wendden of keerden, niet anders te kunnen omschrijven dan met… oplossingen.  Volhouden dat ‘oplossing’ niet mag, omdat het niet mag, was al te kras. Dus wat biedt TOT? Technische oplossingen voor de culturele sector. Voor deze keer dan.

Nieuwsgierig naar andere woorden die regelmatig misbruikt worden? Lees dan ook:

Jargon en beleidstaal. 3 tips om ermee af te rekenen

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 19 juni 2010
Tags: , ,

LectuurGrondrechten waarborgen bij uitstek de menselijke autono­mie en de ontplooi­ing van de individuele persoonlijk­heid.

Ik zeg het dagelijks tegen de buurvrouw. Jij ook? En wat vind je van deze zinnen over marktwerking?

Het gaat namelijk niet simpel om de keuze overheid of markt bij het organiseren van de publieke diensten. Het gaat veel meer om een afweging van de effecten op de maatschappelijke welvaart en publieke belangen, waaronder werknemersbelangen.

Ben je er nog? Knipper even met je ogen, knijp jezelf in je arm.

Jargon. Goed of fout?

Jargon zijn alle begrippen waar je uitleg bij nodig hebt om de tekst te begrijpen. Jargon is dus niet per definitie fout. In gesprekken tussen collega’s scheelt jargon veel tijd, er schuilt dan weinig kwaad in. Behalve als je ook buiten je eigen kringetje verwacht dat iedereen weet waar je het over hebt.

Nog erger: beleidstaal

Beleidstaal is veel erger. Dat is taal die niet alleen krom staat van alle jargon maar bovendien zinnen bevat die zo ingewikkeld zijn dat je ze drie keer moet lezen om te begrijpen wat er staat (en dat heeft dus niet te maken met de lengte van de zin). Echt hardcore beleidstaal is dan ook nog eens zo genuanceerd dat je erbij in slaap valt. Het-kan-vriezen-het-kan-dooientekst. Misschien-wellicht-eventueelstukken. Je weet wel, zoals in de voorbeelden.

Afrekenen graag

Toch vonden de deelnemers aan onze training speech-schrijven deze zinnen heel normaal. Ze zagen het niet meer, want ze werken er dagelijks mee. Ze laten dagelijks zulke monsters uit hun tekstverwerkers glijden. Zo gaat dat als je lang voor dezelfde werkgever of in dezelfde branche werkt. Hoe reken je ermee af?

Tip 1: Vertel je verhaal aan de buurvrouw

Ik zou wel onder deze bladzij willen zijn

en door de letters heen van dit gedicht

kijken naar uw lezende gezicht

Dat dichtte Vroman ooit. Tekst wordt bloedeloos als je niet een mens van vlees en bloed voor je hebt om het verhaal aan te vertellen. Ik zie jou nu voor me, ik kijk door het beeldscherm heen naar je lezende gezicht.

Tip 2: Zeg wat je wil zeggen

Wat wil je nu eigenlijk zeggen? Wat bedoel je? Wat wil je van me? Maak expliciet wat je met alle woorden probeert duidelijk te maken. Wat betekent elk woord voor jou? Is dat hetzelfde als wat het voor mij wil zeggen? Zitten er holle woorden bij zonder betekenis? Stel jezelf deze vragen en geef antwoord. En doe iets met de antwoorden, natuurlijk. Soms krijg je met het antwoord per direct een betere, jargonvrije tekst retour.

Tip 3: Wees stoer, durf iets te beweren

Zet je benen stevig op de grond, je armen in je zij en roep het maar gewoon hard tegen de wereld. Zeker in de eerste versie van je tekst. Nuance is kruiderij, die voeg je aan het eind nog toe.

Toekomsttip: Gebruik TermTreffer

Volgend jaar komt TermTreffer op de markt, software waarmee je jargon uit je teksten kunt halen en waarmee organisaties hun medewerkers van kant-en-klare definities of synoniemen voorzien. Dat las ik net bij KennisLink. Dat lijkt me ideaal voor mijn deelnemers van gisteren. In één keer met een druk op de knop de oogkleppen kwijt. Tot die tijd, de Kiezel schrijftips.


Geprikkeld? Lees ook deze blog:

HP voor paal op reclamepaal

Door Maria Neele in de categorie De wenkbrauw op 8 juni 2010
Tags: , ,

De CEO en de marketingmanager van HP zitten bij elkaar in het hoofdkwartier in Palo Alto. Ondanks het prachtige weer in California is de stemming bedrukt. Het gaat niet goed met de verkoop van de printers.

CEO: “Sales are down, we’ve got to do something.” (De omzet is naar beneden, we moeten iets doen)*

MM: “Let’s start a world wide campaign!” (Laten we beginnen met een wereldwijde campagne)

CEO nods reluctantly. (CEO knikt tegenzin)

MM shows a colourful sketch: “Why not combine these cool visuals and this nice copy?” (MM toont een kleurrijke schets: Waarom niet combineren deze coole visuals en dit mooie exemplaar?)

He reads: “The HP LaserJet pays for itself in less than 1 year. After that, it pays your business.” (Hij leest: “De HP LaserJet betaalt zichzelf terug in minder dan 1 jaar. Na dat het loont je bedrijf.” O nee: …betaalt zichzelf binnen 1 jaar terug. Daarna betaalt het U!)

CEO shows some interest: “Nice!” (CEO enige belangstelling toont: Nice!)

CEO has second thoughts: “But if we’ll transfer that to Europe, we’ll have to translate it into a zillion languages! Imagine the costs! We’ll have to hire copywriters! (CEO heeft tweede gedachten: Maar als we dat de overdracht naar Europa, zullen we het moeten vertalen in een zillion talen! Stelt u zich de kosten! We moeten copywriters huren!)

MM: “I’ve got an idea: let’s use a free internet translator. That’ll save us big money!” (Ik heb een idee: laten we een vrije internetvertaler gebruiken. Dat zal ons redden het grote geld!)

CEO: “Now you’re talking!” (Nu je spreekt!)

MM: “Let’s get this done!” (Laten we dit gedaan!)

Zo moet het ongeveer gegaan zijn. Of ze hebben de stagiaire aan het werk gezet. Anders kan ik me niet voorstellen dat een bedrijf als HP een billboardcampagne inkoopt voor minstens anderhalve ton (honderdvijftig duizend euro!) en dat er in het hele proces tussen inkoop en uitvoering niemand (NIEMAND!) aan de bel heeft getrokken over die foute tekst in koeienletters. Hoe kan dat nou?

Jongens en meisjes van HP! Volgende keer wil Kiezel Communicatie best even voor een luttel bedrag kijken naar zo’n tekst, zodat jullie niet meer compleet voor paal staan op die reclamepaal. Dan hebben wij meteen budget om ook zo’n zelfverdienende printer te kopen. Koel!

*Dialoog vertaald met Google

Ben jij een moordenaar?

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 18 maart 2010
Tags: , ,

lieveheersbeestjeWe bieden visuele ondersteuning aan uw presentatie

We hebben de inrichting verzorgd van het restaurant

U kunt een wandeling maken door de kasteeltuin.

Drie zinnetjes van drie willekeurige websites. Wat is er mis met deze zinnen? Ze zijn vermoord. Door een heel nare en geniepige sluipmoordenaar, genaamd naamwoordstijl. Dat klinkt onschuldig, maar naamwoordstijl is levensgevaarlijk voor gezonde communicatie. Werkwoorden, die even daarvoor nog energiek hun taak verrichtten, liggen voor pampus achter een ook al zo onschuldig lijkend lidwoord. En het erge is: volkomen nodeloos! Het is zinloos geweld…

Moord

Wat is er gebeurd? Laten we detective spelen. Sporenonderzoek met vergrootglas. Ik zie drie keer een woord dat eindigt op -ing. -ing is de vingerafdruk van de moordenaar. Net als -name en -atie. Als je één van die drie ziet, weet je zeker dat er iets niet in de haak is.

Nog een clue. Bieden, verzorgen, maken. Wat betekenen die werkwoorden in deze zinnen? Ze houden zich verdacht op, maar er zit geen actie in. Ze hangen maar wat rond, ze lijken geen overlast te geven, maar dat is schijn. Ze hebben zojuist een vitaal werkwoord om zeep geholpen.

Redding

Ondersteuning bieden. Een inrichting verzorgen. Een wandeling maken. Zie je nu wat er gebeurd is? De moordenaar maakte een zelfstandig naamwoord van een werkwoord. Gelukkig wek je ze met een eenvoudige heimlichmanoeuvre weer tot leven. Kiep dat loze werkwoord eruit en kijk wat er gebeurt: ondersteunen. Inrichten. Wandelen. Heerlijk, al dat leven in het voorjaar.

 

Optimale oplossingen

Door Carola Janssen in de categorie De wenkbrauw op 5 maart 2010
Tags: , ,

Carola en Maria trekken de wenkbrauwen op

Optimale oplossingen. Afgelopen week kreeg ik ze op drie verschillende sites onder ogen en bij dat begrip schiet mijn wenkbrauw altijd omhoog. Bij het woord oplossing drie etages, bij een oplossing die ook nog eens optimaal is, door het dak.

Ik begrijp de behoefte van ondernemers om te vertellen dat hun product of dienst keigoed is. Bij oplossingen denk ik echter aan suiker in thee, aan koolzuur in frisdrank, aan zout in de zee. Optimaal heeft bovendien geen 100% positieve connotatie. Het betekent wel heel goed, maar ook zo goed mogelijk. En is dat goed genoeg? Voor mij niet. Het rijtje mag dan wel goed, beter, best luiden, meestal is goed beter dan best.