Dat zou u kunnen mogen willen

Door Carola Janssen in de categorie Steentje in je schoen op 6 juni 2011
Tags: , ,

Flauw

Wil je me doorverbinden met collega X?
Ja hoor, dat wil ik wel. (actie: nul)

Mag ik er even langs?
Ja hoor, dat mag. (actie: nul)

Kan ik Z even spreken?
Ja hoor, dat kan. (actie: nul)

Kantoorhumoristen - foto VPRO

Zullen, kunnen, mogen en willen. Het zijn werkwoorden met weinig inhoud, terwijl ze toch de  sociale smeerolie van elk gesprek vormen. Sommige mensen pakken dat expres niet op; een heel erge vorm van kantoorhumor. Dergelijke kantoorhumoristen vragen erom bevolen te worden. Verbind me door, laat me erlangs. Ik vraag me af hoe ze dan zouden reageren, maar daar gaat deze blog niet over. Dit is alleen maar een inleiding bij een pleidooi om zullen, kunnen, mogen en willen in webteksten en e-mails zoveel mogelijk uit te bannen.

Vorige week kreeg ik een mail van een onderzoeker van de Universiteit van Tilburg. En daarom lees je nu deze blogpost. Ik knip en plak een paar zinnen. In vet alle lege werkwoorden die er wat mij betreft uit mogen (ja, mogen :-) ).

Door deel te nemen aan dit onderzoek, kunt u bijdragen aan de verbetering van express diensten zodat deze beter zullen aansluiten bij uw wensen.

Ik zou het zeer op prijs stellen als u alsnog zou willen deelnemen aan dit onderzoek, door middel van het invullen van deze vragenlijst. Mogelijk heeft u per mail aan ons doorgegeven dat u niet kunt deelnemen aan deze enquête.

Mocht u vragen hebben over dit onderzoek, dan kunt u contact met mij opnemen via het volgende e-mailadres.

Het effect van al deze hulpwerkwoorden is een kruiperige toon waar ik naar van word. De actie zit verstopt. Hup, weg ermee, is mijn devies. Haal je ze eruit, dan is het alsof je een dikke laag modder wegspoelt. Met nog een paar minieme tekstaanpassingen klinkt het dan fris en fruitig:

Door deel te nemen aan dit onderzoek, draagt u bij aan het verbeteren van express diensten [sic, wat dat dan ook mogen wezen - CJ] zodat deze beter aansluiten bij uw wensen.

Ik stel het zeer op prijs als u deelneemt aan dit onderzoek door de vragenlijst in te vullen.

Hebt u vragen over dit onderzoek, neem dan contact met mij op via het volgende e-mailadres.

Beste onderzoeker en lieve alle anderen die wat van mij zouden mogen willen. Spreek me in je mails en op je website direct aan, zonder omwegen, zonder omzichtigheid, zonder overbodige beleefdheidsfrases. Bewaar die maar voor je heeroom of de notaris. Omfloerst schrijven mag je kunnen willen, ik zal het niet lezen.

Zakelijk, maar smakelijk

Door Irene de Vette in de categorie Gratis schrijftips op 18 maart 2011
Tags: , , , ,
De tekst moet zakelijk zijn, dus dan maken we ‘m ook meteen maar lekker saai. Die indruk krijg je als je langs websites van bedrijven surft. Een gortdroge brij waar je je als lezer bij de eerste alinea al in verslikt. Wil je schrijven over serieuze zaken? Dan mag je best wat kruiden en een beetje boter gebruiken. Van flauw en zoutloos loopt het water je niet in de mond.

Oeps, die uitdrukking mag eigenlijk niet. Water dat je in de mond loopt, vreselijk! Ik schrijf veel over eten en redigeer al een paar jaar recensies voor SpecialBite. Die recensies worden geschreven door mensen die op de eerste plaats eetgek zijn en lang niet altijd professioneel schrijver. Fijnproeven staat niet gelijk aan fijn schrijven, heb ik gemerkt. Ik help ze op weg met een paar tips.

• Laat zien, proeven, ruiken en voelen
Maak je tekst concreet. Ofwel: show, don’t tell. Dat is eigenlijk de basis van alle lekkere teksten. In een recensie over een restaurant in Twente las ik: Het maandelijks wisselende verrassingsmenu bestaat geheel uit dagverse, eerlijke en biologische producten, op ambachtelijke wijze klaargemaakt door de chef-kok. Een heleboel holle termen. Beschrijf een gerecht. Het mes glijdt door de lende van Saasvelds rund. Daarnaast vind ik op mijn bord zachtgegaard buikspek, zoetzure cherrytomaatjes en tot mijn verrassing krokant gebakken gamba’s. Je weet nu: de chef gebruikt lokaal vlees, kent klassieke bereidingen, maar is ook origineel.

Een ander voorbeeld: het interieur. ‘Stijlvol en klassiek’, of ‘echt van deze tijd’, daar heeft je lezer helemaal niets mee. ‘Spannende LED-verlichting dompelt de muren iedere tien minuten in een andere kleur’ (interieur is trendy), ‘Gebutste houten tafels geven je het gevoel dat je bij de chef thuis in de keuken zit’ (landelijk, huiselijk), ‘Zacht tapijt waar je stilettohakken helemaal in wegzakken’ (chic, klassiek). Je hoeft niet alles te benoemen: beschrijf een paar opvallende details die de zaak karakteriseren.

• Wees origineel

Je moest eens weten hoe vaak ik ‘culinaire hoogstandjes’, ‘verrukkelijke smaakexplosies’ of ‘echt smullen geblazen’ ben tegengekomen. Bleh. Als je de tekst concreet hebt gemaakt, ben je al een eind op weg om clichés uit je tekst te bannen, maar loop je tekst altijd nog eens na. Kan het origineler? Was de bediening langzaam? Zeg: ‘Er mag af en toe best een pepertje in.’ Het chocoladetoetje heerlijk? Schrijf dan: ‘De chocolate delight was een gulle toegift.’

Terug naar de zakelijke tekst
Nu denk je misschien: maar ik schrijf helemaal nooit over eten! Ik verkoop horren. Ik bezorg medicijnen via internet. Ik zit in verzekeringen. Verrassing: dat maakt helemaal niet uit. Laat je lezers altijd meeproeven. Beschrijf hoe zoemende muggen je slaap verstoren: dat gebeurt nooit meer met een hor! Beschrijf hoe makkelijk je medicijnen vanuit je luie stoel kan bestellen: nooit meer door weer en wind naar de apotheek! Beschrijf hoe je op reis in een onbewaakt ogenblik je tas kwijt kunt zijn: prettig dat je dan met een telefoontje alles regelt.

Details, details, details. Smakelijk lezen!

Woorden die niet meer mogen (aflevering 2)

Door Martine van Blaaderen in de categorie Steentje in je schoen op 27 januari 2011
Tags: ,

Mijn schrijfvocabulaire is kilo’s lichter sinds ik als junior tekstschrijver bij Kiezel werk. Met chirurgische precisie ontleden Carola en Maria mijn teksten. Zijn woorden niet levensvatbaar? Dan worden ze uit mijn repertoire gesneden. Het is even slikken, maar het resultaat is een kerngezonde tekst. Alles knapt ervan op, zonder al die onnodige ballast.

Het mes ging in:

Kunnen en mogen
Werkwoorden als ‘kunnen’ en ‘mogen’ voegen meestal niet zo veel toe. Sterker nog, ze vertragen de boel alleen maar. Waarom zou je ze dan nog gebruiken?

,dus
Te betuttelend. Het straalt uit: ‘Ik zal jou eens vertellen wat de conclusie is’.

Plaatsvinden en zo
Bij werkwoorden als ‘kopen’ of ‘eten’ kun je je gemakkelijk een voorstelling maken. Verbeeld je nu ook eens de werkwoorden ‘plaatsvinden’ of ‘faciliteren’ of de constructie ‘hij geeft aan dat’. Je gaat geheid op blanco. Weg ermee.

-ie, -ing, -atie
Van een werkwoord (bv. ontwikkelen) een naamwoord maken (de ontwikkeling). Als je dat maar vaak genoeg doet, heb je waarschijnlijk het naamwoordstijlvirus onder de leden. Naamwoorden maken je tekst over het algemeen droog, saai en passief. Neem nu het woord ‘de ontwikkeling’. Wie ontwikkelt nu eigenlijk wat? Al die informatie is verstopt. De kuur bestaat uit twee stappen:

1. De naamwoorden ontmaskeren.
2. Een actief alternatief maken. Kies een onderwerp (bv. hij), een actief werkwoord (ontwikkelde) en  een lijdend voorwerp (een recept). Back to highschool!

In, van, naar, in, voor, tegen, op
Tekst wordt houterig van te veel voorzetsels in één zin. Kijk maar: ‘In de trein van Amsterdam naar Rotterdam ga ik van de regen in de drup’. Van voorzetseldiarree gaat je tekst niet sneller lopen.

Echt héél erg
Overdreven bijvoeglijk naamwoorden als ‘echt’, ‘héél’ en ‘erg’ zijn echt héél erg overdreven.

Ik mocht gelukkig ook een paar juweeltjes aan mijn woordenschat toevoegen: krentenwegers, struweel, klein haar (=kaal), noodverbandje, jan-van-gent en zwerk. Operatie geslaagd.



Ook beter leren schrijven? Lees dan deze blogs:

Woorden die niet meer mogen (aflevering 1)

Door Maria Neele in de categorie Steentje in je schoen op 28 december 2010
Tags: , ,

‘Wij willen u tevens bedanken…’ Ja hoor! Tevens. Dat zég je toch niet!

Dan moet je het ook niet schrijven.

Reeds. Mag je alleen bij wijze van grap schrijven.Hetzelfde geldt voor reeds. Ook dat woord is bij ons in de ban. Jammer genoeg denken veel mensen dat het chiquer en dus beter is dan al. Zodra ze achter een toetsenbord zitten, kiezen ze andere, duurdere woorden. Zoals tevens in plaats van ook en betreffende in plaats van over. Ze denken dat je zo laat zien dat je niet van de straat bent.

Je hoeft geen formele taal te gebruiken om verzorgd en deskundig over te komen. Formele taal is niet fout, maar je doet er je lezer geen plezier mee. Ouderwetse woorden en zinnen helpen je niet om je doel te bereiken.

Het verschil tussen spreektaal en schrijftaal is iets wat door steile schoolmeesters en stoffige klerken is verzonnen. Het is denkbeeldig.

Goed voornemen voor 2011: weg ermee.

Reeds!

Wat mag ook nooit meer in 2011?

Van – over – voor – met – tot; vijf tips tegen voorzetseldiarree

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 8 december 2010
Tags: , ,
  • Bij zorgorganisaties ontbreekt het vaak aan kennis over de behoefte van ouderen aan zorg voor het mentaal welbevinden.
  • De juiste aanpak bij de ondersteuning van vrijwilligers bij het omgaan met probleemjongeren hangt samen met de visie van de organisatie.
  • Dit zorgt voor het openen van de ogen voor het belang van samen sporten.

Need I say more? Voorzetseldiarree (ook wel bekend als voorzetselconstructies), weg ermee!

Mmm, misschien toch even toelichten. Voorzetsels zijn de voegen tussen de stenen. Je metselt er zo een fijn woordmuurtje mee. Maar te veel voegsel maakt je bouwwerk instabiel. Het wordt angstaanjagend. Ik griezel van deze voorzetselzinnen. Wat kun je er aan doen? Vijf tips.

    1.    Haal de naamwoordstijl eruit. Dat scheelt een slok op een borrel. De ondersteuning van vrijwilligers wordt dan bijvoorbeeld: vrijwilligers ondersteunen.
    2.    Koppel woorden aan elkaar. Invulling van de zorg is hetzelfde als zorginvulling. Dat is fijn van het Nederlands, dat dat kan.
    3.    Gooi de volgorde van de zin om. In dit soort zinnen blijkt het belangrijkste vaak achteraan te staan.
    4.    Herschrijf radicaal.
    5.    Durf die laatste voorzetsels te laten staan.

Dit levert het op:

  • Ouderen hebben specifieke zorg nodig voor hun mentaal welbevinden. Zorgorganisaties hebben daarover vaak onvoldoende kennis in huis.
  • De visie van de organisatie bepaalt hoe je vrijwilligers ondersteunt die te maken krijgen met probleemjongeren.
  • Dit laat zien hoe belangrijk het is om samen te sporten.

Toegegeven, sommige keuzes die we hier gemaakt hebben zijn discutabel. Voor jouw voorstel tot verbetering van de voorbeeldzinnen staat hieronder het reactieveld open.


Willen jij en je collega’s van voorzetseldiarree af? Kiezel Communicatie organiseert maatwerktrainingen voor bedrijven!

Ben jij een moordenaar?

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 18 maart 2010
Tags: , ,

lieveheersbeestjeWe bieden visuele ondersteuning aan uw presentatie

We hebben de inrichting verzorgd van het restaurant

U kunt een wandeling maken door de kasteeltuin.

Drie zinnetjes van drie willekeurige websites. Wat is er mis met deze zinnen? Ze zijn vermoord. Door een heel nare en geniepige sluipmoordenaar, genaamd naamwoordstijl. Dat klinkt onschuldig, maar naamwoordstijl is levensgevaarlijk voor gezonde communicatie. Werkwoorden, die even daarvoor nog energiek hun taak verrichtten, liggen voor pampus achter een ook al zo onschuldig lijkend lidwoord. En het erge is: volkomen nodeloos! Het is zinloos geweld…

Moord

Wat is er gebeurd? Laten we detective spelen. Sporenonderzoek met vergrootglas. Ik zie drie keer een woord dat eindigt op -ing. -ing is de vingerafdruk van de moordenaar. Net als -name en -atie. Als je één van die drie ziet, weet je zeker dat er iets niet in de haak is.

Nog een clue. Bieden, verzorgen, maken. Wat betekenen die werkwoorden in deze zinnen? Ze houden zich verdacht op, maar er zit geen actie in. Ze hangen maar wat rond, ze lijken geen overlast te geven, maar dat is schijn. Ze hebben zojuist een vitaal werkwoord om zeep geholpen.

Redding

Ondersteuning bieden. Een inrichting verzorgen. Een wandeling maken. Zie je nu wat er gebeurd is? De moordenaar maakte een zelfstandig naamwoord van een werkwoord. Gelukkig wek je ze met een eenvoudige heimlichmanoeuvre weer tot leven. Kiep dat loze werkwoord eruit en kijk wat er gebeurt: ondersteunen. Inrichten. Wandelen. Heerlijk, al dat leven in het voorjaar.

 

Durven en doen

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 10 maart 2010
Tags: , ,

schrijven en skiën: je moet het allebei durvenWat is de overeenkomst tussen lekker skiën en een goed stukje schrijven? Nee, dat zijn niet mijn gedachten terwijl ik Italiaanse pistes onveilig maak, maar terugkijkend op een geslaagde dag komt zoiets weleens bij me op. Dingen die je leuk vindt, hebben vaak veel met elkaar gemeen. En ja, skiën en schrijven, ik zal niet zeggen dat het mijn passies zijn – ik zou niet durven – maar ik doe het allebei graag.

Overeenkomst 1: weten waar je naar toe wilt. Nou is dat met skiën makkelijk: naar beneden. Maar op wat meer gedetailleerd niveau is het evengoed complex. Voortdurend beslis je: daar draaien, let op die andere skiër en houd die snowboarder in de gaten. Net als bij schrijven: overzicht en controle houden en tegelijk ontspannen.

Overeenkomst 2: durven. Vertrouwen op je techniek, en tegelijk de grenzen opzoeken. Dat maakt het spannend en dan blijf je leren. Iets nieuws proberen, tegen jezelf zeggen: je kan ‘t! En als je een keer een uitglijer maakt: dat hoort er ook bij. Wie nooit valt, skiet (of schrijft) onder zijn niveau.

Overeenkomst 3: beginnen is moeilijk. Bijvoorbeeld als je bovenaan een steile helling staat of een schoon, leeg document voor je hebt. Aarzeling. Je moet ergens overheen (zie overeenkomst 2) en als je eenmaal bent begonnen, volgt de rest meestal vanzelf.

Overeenkomst 4: oefenen. Beter worden gaat met vallen en opstaan (zie weer overeenkomst 2). En wat de ene keer met gemak lukt, gaat de volgende dag moeizaam. Weet dan: de volgende keer doe je hetzelfde weer fluitend. Kijk de kunst af bij anderen die het beter kunnen dan jij. En vervolgens meters maken: oefenen, oefenen, oefenen.

Antwoord geven op concrete vragen

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 22 januari 2010
Tags: ,

 

de centrale vraag beantwoorden“Waarom heb je dit stuk geschreven?”, vraag ik in elke schrijftraining wel een paar keer. “Uhhh, tja…” Na een halve dag voelen de cursisten hem al aankomen: “Waarom…?” Veel zakelijke schrijvers vragen zich nauwelijks af met welk doel ze iets op papier zetten. Waarom heeft iemand deze informatie, dit advies of dit plan nodig? Wat gaan je lezers ermee doen?

De werkelijkheid is hard: meestal niks. Ja, zo snel mogelijk archiveren, kwijtraken, onder het stof in de vergeethoek laten belanden. Een droevig lot. Al die weggegooide tijd en moeite.

Hoe schrijf je stukken waar die mensen wel op zitten te wachten? Waarmee ze iets doen, waar ze iets aan hebben? In de allereerste plaats: door je af te vragen op welke vraag ze antwoord willen hebben. Want dat is belangrijker dan wat jij kwijt wilt.

En als je die vraag eenmaal precies hebt geformuleerd, is de helft van je werk al klaar. De andere helft is je antwoord: dat wil zeggen, de inhoud van je stuk. In dit geval was de vraag: ‘Hoe schrijf je stukken die mensen willen lezen?’ En je ziet, ik schreef hem een paar regels hierboven bijna expliciet op. En het antwoord? Dat is je hoofdboodschap. En die staat bovenaan dit stuk. Zo makkelijk is het.

Vaagtaal. Wie is daar niet tegen?

Door Maria Neele in de categorie Losse kiezels op 9 december 2009
Tags: , ,

Vaagtaal, ten strijde tegel beleidsbabbels en managementspeakMet hooggespannen verwachtingen las ik het boekje Vaagtaal! De ondertitel Vecht mee tegen beleidsbabbels, managementspeak en zorggezemel had me verleid om het boekje aan te schaffen, want daar kon ik het als ambassadeur van heldere teksten alleen maar mee eens zijn. Op de barricaden!

Vaagtaal: een LOA
Ja, ja, ja, knik ik als ik het uitgangspunt van het boekje lees: ‘Vaagtaal is een epidemische en besmettelijke ziekte’. Jonge professionals die bij mij een schrijftraining moeten volgen van hun baas, lijden er allemaal aan. Oudere werknemers net zo goed trouwens. Wie net begint als junioradviseur of beleidsmedewerker, houdt zich staande met rapporten die uit hun voegen barsten van interessante woorden, lijdende vormen en de naamwoordstijl. Die bol staan van clichés, tangconstructies en voorzetseluitdrukkingen. En wie zich al lang in die rapportenwereld beweegt, kan gewoon niet anders meer: “Met betrekking tot de vorige maand door het management genomen besluiten moeten de volgende conclusies getrokken worden…” Ja. Arjen Ligtvoet en Cathelijne de Busser hebben gelijk: vaagtaal is een LOA. Een door Lezen en Luisteren Overdraagbare Aandoening.

Baat bij vaagtaal
Maar Ligtvoet en De Busser schieten in hun ijver af en toe door. Ze leggen de schuld van alles bij reclamemakers, journalisten en politici. Ten eerste: te veel eer. En bovendien, snap dat dan! Deze taalgebruikers bedienen zich van vage taal omdat ze er garen bij spinnen. Politici omdat ze nu eenmaal tijd moeten volpraten, moeten afleiden van waar het echt om gaat en überhaupt niet veel te zeggen hebben. Nieuwsmakers omdat het nieuws het best landt als ze clichés gebruiken als ‘banen die op de tocht staan’ en ‘het groene licht geven’, reclamemakers omdat hun mooie praatjes gewoon lekker verkopen. Zijn die dan de schuld van ambtenaritis en managementspeak? Nee, schud ik. Dat geloof ik niet.

Vermakelijke voorbeelden
Ligtvoet en De Busser schetsen levendige en vermakelijke voorbeelden – soms wat overtrokken, maar goed, wie niet overdrijft, wordt niet gehoord. Ze laten zien dat het meeste interessante gebabbel uitsluitend een rookgordijn is voor ondeskundigheid en grootspraak en ontmaskeren tussen neus en lippen door bezuinigingsmaatregelen, manipulaties en regelrechte leugens. Jammer dat ze daar weinig voorbeelden tegenover zetten van hoe het beter zou kunnen. Want daar zouden stoffige ambtenaren, zemelende zorgverleners en wolspinnende politici wel iets mee opschieten.

Vaagtaal is een fijn cadeau voor onder de kerstboom voor iedereen die zich ergert aan onduidelijke woorden, omslachtige taal en oeverloos gebabbel. Strijdend het nieuwe jaar in, dus. Helder, concreet en actief.

 

Weg met de duizenddingendoekjes!

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 9 december 2009
Tags: , , ,

DuizenddingendoekjeEr wordt heel veel plaatsgevonden in het Nederlandse taalgebied. Je kunt het zo gek niet bedenken of het vindt plaats. Google maar eens: 1.650.000 resultaten! Plaatsvinden is dan ook een handig woord, net als zijn broertje gebeuren. Het is een stoplap. Nee, erger nog: een duizenddingendoekje. Je kunt het overal voor gebruiken. Jammer alleen dat die woorden je tekst zo saai, kleurloos en star maken. Want waar blijft de actie?

Wat willekeurige voorbeelden:

De voorstelling vindt plaats om 20.00 uur…
De eerstvolgende meeloopdag (…) vindt plaats op woensdag (…)
De juryvergadering vindt plaats om 12.00 uur.
De pleurapunctie vindt plaats om de longen te ontlasten van een patiënt die een te grote hoeveelheid pleuravocht produceert.
Financiële instellingen zijn verplicht om de identiteit van hun cliënten vast te stellen. Deze identificatie vindt plaats om ongebruikelijke transacties te kunnen melden.

En nu hoe het anders kan:

De voorstelling begint om 20.00 uur…
De eerstvolgende meeloopdag is op woensdag (…)
De jury vergadert vanaf 12.00 uur.
De pleurapunctie ontlast de longen van een patiënt die een te grote hoeveelheid pleuravocht produceert.
Financiële instellingen zijn verplicht om de identiteit van hun cliënten vast te stellen. Door deze identificatie kunnen ze ongebruikelijke transacties melden.

Plaatsvinden is een mooie truc om de handelende persoon uit beeld te houden, net als de passieve of lijdende vorm. Dat is niet altijd fout, maar vraag je elke keer af als je plaatsvinden of gebeuren wilt schrijven of het ook anders kan. En doe dat dan. Varieer. Schrijf actief. Lekker fris.

Want dat heb je met duizenddingendoekjes: ze gaan al snel muf ruiken.