Positivo

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 30 maart 2010
Tags: , , ,

Ik lees op de winkeldeur: ‘Vandaag gesloten vanaf 12 uur’. ‘Geopend tot 12 uur’ kan toch ook?

In een stappenplan: ‘Zorg dat er geen obstakels in de weg staan’. Schrijf liever: ‘Zorg voor een vrije doorgang’.

In een brief, hoe klantgericht (NOT!): ‘Pas als wij uw volledig ingevulde en ondertekende aanvraag hebben ontvangen…’ Ik word blijer van: ‘Zodra wij uw aanvraag hebben ontvangen…’

Oog voor afwijking

Hoe komt het toch dat we geneigd zijn om het negatieve te benadrukken? De verklaring is simpel. Ons brein heeft meer oog voor de afwijking dan voor het normale. Vanuit evolutionair standpunt handig en logisch, want iedere afwijking betekent: even opletten!

Resultaatpositief    schrijven heeft niets te maken met een roze bril

Maar nu de lezer. Je lezer is de klant van je boodschap. Je wilt dat hij je informatie of je standpunt accepteert. Handig om hem dan in een positieve stemming te brengen. Dragen woorden als gesloten, obstakels, pas als daartoe bij? Neu, ik denk ’t niet. Leer het van rasechte verkopers: houd de klant het resultaat voor. In dit geval: Geopend, vrije doorgang en zodra.


Neem een ander standpunt in

Positief schrijven heeft niets te maken met halfvolle of halflege glazen. Eerder met klant- en lezergericht communiceren. Er is net iets meer moeite voor nodig: neem letterlijk een ander standpunt in dan het voor de hand liggende.

Positief schrijven went snel. Als je de truc eenmaal door hebt, is het een eitje. En je wordt er blij van. Nu zet ik mijn roze bril op.

Verzamel zwakke schakels

Door Carola Janssen in de categorie Social media op 25 maart 2010
Tags: , ,

Selecteer jij heel nauwkeurig de contacten in je netwerken als Twitter, LinkedIn en Facebook? Voeg je alleen échte vrienden toe, échte zakelijke relaties waar je al mee of voor gewerkt hebt? Of ben jij van die andere lichting, die alles en iedereen annexeert als ‘vriend’? Er is wetenschappelijk onderzoek dat aantoont dat de tweede opvatting loont, zo leer ik net uit een blogpost van Jacob Morgan.

Een goede vriend

In netwerken heb je mcontacteneer aan zwakke schakels dan aan sterke. Dat komt omdat de mensen met wie je sterk verbonden bent grotendeels hetzelfde netwerk hebben als jij zelf. Een goede vriend kent bijna al jouw vrienden en jij kent die van hem. Alleen al daarom zijn het niet de allerbeste contacten als je een nieuwe baan zoekt, nieuwe ideeën of andere experts. Het zijn juist de zwakke schakels die een brug slaan naar werelden waar je normaal niet rondloopt. En nog een voordeel van zwakke schakels: ze vergen weinig onderhoud. Af en toe een tweetje, krabbeltje of berichtje, meer is er niet nodig.

Getal van Dunbar

Morgan ontvouwt zijn ideeën na het lezen van Collaboration, een boek van Morten Hansen. Die reageert in zijn boek weer op het getal van Dunbar. Deze evolutionair antropoloog zegt dat we niet meer dan 150 sterke sociale banden kunnen hanteren. Sterker nog, hij vindt dat we ons óf daartoe moeten beperken of een groter brein moeten ontwikkelen. En dat gaat niet gebeuren. Kijk naar dit interview met Dunbar als je meer wilt weten.

Tegenspraak?

Toch lijkt het me allemaal niet zo met elkaar in tegenspraak. Je kunt maximaal 150 ‘echte’ banden onderhouden, maar dat wil niet zeggen dat zwakke banden geen waarde hebben. Ik heb ruim honderd ‘vrienden’ bij Facebook, en dat zijn lang niet allemaal vrienden in de traditionele betekenis van het woord. Ik heb ruim 400 contacten bij LinkedIn en ik volg een kleine 800 mensen op Twitter. Ze maken samen een groot deel uit van de sociale interactie die ik op een dag heb. Ze beantwoorden vragen, helpen me, steunen me. Die contacten zorgen verder samen voor het grootste deel van mijn inkomen. Dat alles maakt ze bijzonder waardevol.

Misschien moeten we Twitter, LinkedIn, Facebook gewoon zien als elk één contact? Eén contact met heel veel gezichten? Wat vind jij?

Ben jij een moordenaar?

Door Carola Janssen in de categorie Gratis schrijftips op 18 maart 2010
Tags: , ,

lieveheersbeestjeWe bieden visuele ondersteuning aan uw presentatie

We hebben de inrichting verzorgd van het restaurant

U kunt een wandeling maken door de kasteeltuin.

Drie zinnetjes van drie willekeurige websites. Wat is er mis met deze zinnen? Ze zijn vermoord. Door een heel nare en geniepige sluipmoordenaar, genaamd naamwoordstijl. Dat klinkt onschuldig, maar naamwoordstijl is levensgevaarlijk voor gezonde communicatie. Werkwoorden, die even daarvoor nog energiek hun taak verrichtten, liggen voor pampus achter een ook al zo onschuldig lijkend lidwoord. En het erge is: volkomen nodeloos! Het is zinloos geweld…

Moord

Wat is er gebeurd? Laten we detective spelen. Sporenonderzoek met vergrootglas. Ik zie drie keer een woord dat eindigt op -ing. -ing is de vingerafdruk van de moordenaar. Net als -name en -atie. Als je één van die drie ziet, weet je zeker dat er iets niet in de haak is.

Nog een clue. Bieden, verzorgen, maken. Wat betekenen die werkwoorden in deze zinnen? Ze houden zich verdacht op, maar er zit geen actie in. Ze hangen maar wat rond, ze lijken geen overlast te geven, maar dat is schijn. Ze hebben zojuist een vitaal werkwoord om zeep geholpen.

Redding

Ondersteuning bieden. Een inrichting verzorgen. Een wandeling maken. Zie je nu wat er gebeurd is? De moordenaar maakte een zelfstandig naamwoord van een werkwoord. Gelukkig wek je ze met een eenvoudige heimlichmanoeuvre weer tot leven. Kiep dat loze werkwoord eruit en kijk wat er gebeurt: ondersteunen. Inrichten. Wandelen. Heerlijk, al dat leven in het voorjaar.

 

Prikkelbaar

Door Carola Janssen in de categorie Steentje in je schoen op 14 maart 2010
Tags: ,

Reclame van Dove

Ik wil helemaal niet af van prikkelende gevoelens. Geprikkeld worden is namelijk bijna altijd prettig. Ik probeer zelf ook altijd mijn lezers te prikkelen: om te reageren, om ergens op te klikken of gewoon, om verder te lezen. En dat doen ze alleen als het voor hen ook fijn is. Met een prikkend gevoel wil ik wel afrekenen. Of reageer ik nu te geprikkeld?

Durven en doen

Door Maria Neele in de categorie Gratis schrijftips op 10 maart 2010
Tags: , ,

schrijven en skiën: je moet het allebei durvenWat is de overeenkomst tussen lekker skiën en een goed stukje schrijven? Nee, dat zijn niet mijn gedachten terwijl ik Italiaanse pistes onveilig maak, maar terugkijkend op een geslaagde dag komt zoiets weleens bij me op. Dingen die je leuk vindt, hebben vaak veel met elkaar gemeen. En ja, skiën en schrijven, ik zal niet zeggen dat het mijn passies zijn – ik zou niet durven – maar ik doe het allebei graag.

Overeenkomst 1: weten waar je naar toe wilt. Nou is dat met skiën makkelijk: naar beneden. Maar op wat meer gedetailleerd niveau is het evengoed complex. Voortdurend beslis je: daar draaien, let op die andere skiër en houd die snowboarder in de gaten. Net als bij schrijven: overzicht en controle houden en tegelijk ontspannen.

Overeenkomst 2: durven. Vertrouwen op je techniek, en tegelijk de grenzen opzoeken. Dat maakt het spannend en dan blijf je leren. Iets nieuws proberen, tegen jezelf zeggen: je kan ‘t! En als je een keer een uitglijer maakt: dat hoort er ook bij. Wie nooit valt, skiet (of schrijft) onder zijn niveau.

Overeenkomst 3: beginnen is moeilijk. Bijvoorbeeld als je bovenaan een steile helling staat of een schoon, leeg document voor je hebt. Aarzeling. Je moet ergens overheen (zie overeenkomst 2) en als je eenmaal bent begonnen, volgt de rest meestal vanzelf.

Overeenkomst 4: oefenen. Beter worden gaat met vallen en opstaan (zie weer overeenkomst 2). En wat de ene keer met gemak lukt, gaat de volgende dag moeizaam. Weet dan: de volgende keer doe je hetzelfde weer fluitend. Kijk de kunst af bij anderen die het beter kunnen dan jij. En vervolgens meters maken: oefenen, oefenen, oefenen.

Optimale oplossingen

Door Carola Janssen in de categorie De wenkbrauw op 5 maart 2010
Tags: , ,

Optimale oplossingen. Afgelopen week kreeg ik ze op drie verschillende sites onder ogen en bij dat begrip schiet mijn wenkbrauw altijd omhoog. Bij het woord oplossing drie etages, bij een oplossing die ook nog eens optimaal is, door het dak.

Ik begrijp de behoefte van ondernemers om te vertellen dat hun product of dienst keigoed* is. Bij oplossingen denk ik echter aan suiker in thee, aan koolzuur in frisdrank, aan zout in de zee. Optimaal heeft bovendien geen 100% positieve connotatie. Het betekent wel heel goed, maar ook zo goed mogelijk. En is dat goed genoeg? Voor mij niet. Het rijtje mag dan wel goed, beter, best luiden, meestal is goed beter dan best.

 

*) – sorry,  als Brabants kiezeltje kon ik die woordspeling niet versmaden.